# 2. Apparatuur plaatsen en aansluiten 
De apparaten die we in hoofdstuk 1 hebben besproken moet voor elke wedstrijd worden verbonden. Dit gebeurt ofwel bekabeld, ofwel draadloos. Eerst een overzichtje van de connecties:

![](./image-1768226348262.png)

In dit hoofdstuk bespreken we de aansluiting van de meeste componenten. Enkele onderdelen moeten pas worden aangesloten als de software is gestart en ingesteld. Deze bespreken we later, in hoofdstuk 6 e.v.

### 2.1    Jurykar plaatsen en aansluiten op het stroomnet
De jurywagen wordt nabij de finish geplaatst aan de binnen- of buitenzijde van de atletiekbaan. De plaats hangt mede af van de vraag af waar een elektriciteitsaansluiting is. ![](./image-1768226383077.png)

Zet de jurywagen schuin zodat er een goed overzicht is op de atletiekbaan en finishers. Zorg dat hij waterpas staat (er zit een waterpasje in op de horizontale balk tussen kar en neuswiel) en zet hem vast met de steunpoten. Tip: eerst achterste steunpoten stevig vast, dan aan voorzijde het neuswiel iets omhoog draaien. Daarna de voorste steunpoten omlaag trekken en vastdraaien. Tenslotte de druk van het neuswiel afhalen.

Je kunt nu de kisten met apparatuur en alle statieven uitladen. Elk statief bevat een sticker die aangeeft welk apparaat erop moet. Leg kisten en statieven die je bij een bepaalde wedstrijd niet nodig hebt onder de jurywagen. 
Open de luikjes van de jurywagen waar de kabels van randapparatuur doorheen moeten. De steeksleutel daarvoor hangt aan de deur van de kar. Ontgrendel met dezelfde sleutel het luik voor het raam van de kar. Klep het luik naar boven en zet het vast met de kabeltjes die ook aan de deur van de kar hangen. 
Plug de blauwe stekker van de stroomkabel in het aansluitpunt aan de voorkant van de jurywagen. Het licht in de kar zou nu aan moeten gaan. Zet de UPS aan door een druk op de knop aan de linkerkant ervan en check of de contactdoos stroom heeft. 
Zodra er stroom is in de kar kun je de portofoons opladen via het stopcontact bij de deur. 


### 2.2   Het plaatsen van de hoofdcamera

#### 2.2.1    De stellage voor de camera kiezen
De camera kan worden bevestigd op een ter plaatste aanwezige finishpaal met plateau, op een jury trap, steiger, een door ons meegebrachte aluminium ladder of op een driepoot statief. Welke van deze stellages wordt gebruikt is geheel afhankelijk van de situatie ter plekke.

De camera moet op ongeveer 4 meter van de finish worden geplaatst op een hoogte van 3 á 4m. We gebruiken een zoomlens en een afstand tot meer dan 12 meter is mogelijk. Ook hier geldt overigens dat een en ander afhankelijk is van de locatie. Onze ladder en driepoot statief hebben een maximale hoogte van 3 meter.

#### 2.2.2    De plaats bepalen met behulp van een touwtje en onze finishpaal
![](./image-1768226446997.png)

Op sommige atletiekbanen zoals op Maarschalkerweerd in Utrecht, is de plaats van de camera al precies bepaald, en gemarkeerd op de finishpaal. Maar elders moet soms de plaats nog worden bepaald. De as van de camera moet zo veel mogelijk in het verlengde van de finishlijn geplaatst worden. Dit kan met behulp van de EDM of met een eenvoudig touwtje. Bij die laatste methode zijn de zwarte blokjes op de kruising van de banen en de finishstreep het ijkpunt. Het touw moet precies boven die blokjes lopen in de richting van het hart van de cameralens. We gebruiken de finishpaal om dit goed te krijgen. 

Plaats de finishpaal tijdelijk in baan 2/3 (foto, punt a). Zorg dat hij waterpas staat en dat een van de zijkanten precies boven midden van het zwarte blokje uitsteekt. Teamlid 1 houdt nu het uiteinde van een touwtje aan het eind van de finishstreep (punt b) midden op het laatste zwarte blokje. Teamlid 2 houdt het andere uiteinde van het touwtje de plaats waar de camera ongeveer moet komen. Trek nu de draad strak, en wel zó, dat hij net de zijkant van de finishpaal raakt. Teamlid 2 kan nu de correcte plaats van de camera aftekenen op de stellage. De finishpaal mag vervolgens naar zijn normale plek: punt b, gecentreerd op de zwarte blokjes.


#### 2.2.3    Montage van de camera
Op de afgetekende plek op de stellage moet eerst de Manfrotto draaikop worden gemonteerd. Daartoe zit onder de Manfrotto draaikop een aluminium U- profiel dat in het midden een paar millimeter is ingezaagd. Deze zaagsnede moet precies boven het merkteken op de stellage komen. De montage gebeurt ofwel met lijmklemmen ofwel met de Manfrotto Superklem (zie voorbeeld voorpagina).

De camera zit samen met de ontvanger voor het startsignaal in een stevige doos van kunststof die hem tijdens transport goed beschermt. Daaronder hangt het motorblokje. Dit geheel moet op de draaikop worden geklikt. NB: het hele pakket mag NOOIT worden opgetild aan het motorblok, maar alleen aan de kunststoffen doos!

![](./image-1768226524194.png) ![](./image-1768226528292.png) ![](./image-1768226532706.png)  
In volgorde Manfrotto Draaikop, Motorblok, Manfrotto Superklem

### 2.3   De camera aansluiten
Als de camera is gemonteerd moeten de volgende drie kabels die uit de achterzijde komen, worden aangesloten:

1.	Een lange netwerkkabel in de LAN-aansluiting (PoE 10/100/1000) aan de achterzijde. Deze moet in een PoE-poort van de switch (poort 4, gemarkeerd). 
2.	Een connector voor de kabel naar het finish-oog. Deze moet worden gekoppeld aan de bijbehorende rode kabel met groene en zwarte bananenplug. Die kabel zit om een haspel in een van de kisten;Een connector voor de kabel naar het finish-oog. Deze moet worden gekoppeld aan de bijbehorende kabel met groene en zwarte bananenplug. Die kabel zit om een haspel in een van de kisten;
![image-1793025579131.png](./image-1793025579131.png)
3. Een connector voor de kabel naar de windmeter. Deze moet worden gekoppeld aan de bijbehorende (lange) kabel. Ook die zit om een haspel.![image-1793025617124.png](./image-1793025617124.png)

Daarnaast zijn er nog enkele kabels voor randapparatuur die op de camera zelf is gemonteerd, zoals het motorblok, een zoomlens en een ontvanger voor het startsignaal. Hier hoef je bij de opbouw niets mee te doen, en uiteraard moet je die ook bij het afbreken gewoon laten zitten.

### 2.4    De IdentiLynx vooraanzicht-camera plaatsen
![](./image-1768226902990.png)
Zet de IdentiLynx camera op het statief naast de jurywagen op vier tot vijf meter afstand van de finishstreep. Richt de lens op de finish van baan 2, op borsthoogte.

Let op: de vooraanzichtcamera mag pas worden aangesloten als de software is opgestart. De bijbehorende netwerkkabel moet in de netwerkswitch in de jurywagen, maar mag dus pas later in de camera worden geplugd (andersom mag ook).

### 2.5    Windmeter plaatsen en aansluiten
![](./image-1768226829027.png)
![image-1793025911318.png](./image-1793025911318.png)
De windmeter wordt gebruikt voor alle looponderdelen tot en met de 200 meter. Bij wedstrijden vanaf de junioren C-D is dit verplicht. Deze wordt geplaatst op 50 meter van de finish en op maximaal twee meter van de baan (tip: 40 meter van de finish loopt een doorgetrokken groene startstreep en 10 meter verder, dus op 50 meter, staat in baan 1 een streep die een wisselvak markeert).

De windmeter wordt bekabeld aangesloten. Verbind de kabel die om de haspel zit met de kabel die uit de achterkant van de camera komt. Rol de haspel uit en sluit de uitgerolde kabel aan op de windmeter. Plaats de windmeter zo, dat de pijlen op het stickertje (zie afbeelding) in de looprichting van de atleten staan. Zorg dat de hoogte 1,22m is. Tip: 1,22m is ook de breedte van een laan. ![](./image-1768226836834.png)

### 2.6    Tijdklokken aansluiten en starten
![](./image-1768226788710.png)

Zet de tijdklok aan via de aan/uitknop op het zij panel. Druk in datzelfde paneel een aantal keren op M (=select mode) totdat de letters Rd: op het display verschijnen. De bijbehorende voedings- en datakabel zit al achterin de switch met seriële poorten. Leidt deze kabel via het luikje naar buiten en plug de stekkers in de klok. Zet de klok bovenop de kar.
Doe dit voordat FinishLynx wordt opgestart (draait FL al? Even opnieuw opstarten zodat hij de klok herkent).
De eenzijdige Microgateklokken (set 1 en set 2) moeten met een ethernetkabel worden verbonden met de switch. Ze hebben een aparte stroomkabel met adapter. Ook deze moeten zijn aangesloten voordat je FinishLynx start (vergeten? FinishLynx even afsluiten en herstarten). Zet deze klokken aan met de aan/uitknop. Je ziet als het goed is achtereenvolgens: 1. Vier rode puntjes links bovenin, 2. Alle ledjes branden, 3. Het woord Microgate verschijnt, 4. Het woord base program verschijnt, 5. De klok komt op 0.00 te staan. 
NB: deze klokken hebben diverse programma’s voor verschillende evenementen. Zo is er een programma ‘timer’ die van de klok een stopwatch maakt die op 0.00 begint en met een druk op de knop gaat lopen (nuttig bij wegwedstrijden). Voor de ETU wordt een programma ‘base program’ gebruikt, dat ervoor zorgt dat de klok zal reageren op commando’s van de laptop. Als bij het aanzetten blijkt dat het onjuiste programma is geladen (d.w.z. dat het woord base program NIET verschijnt): druk drie seconden op de gele LAP-SETUP-knop tot de naam van het geladen programma verschijnt (bijv. ‘timer’). Druk dan steeds op de groene START-MODIFY-knop totdat het juist programma is geselecteerd (‘base program’) en bevestig met nogmaals de gele knop. 

Zie verder https://docs.etutrecht.nl/Klokken/Microgate%20MicroTab-LED/MicroTabLED_EN.pdf, pagina 20. 
Zie voor het aansturen van de klokken tijdens de wedstrijd § 10.4.

### 2.7    Finish-oog en fnishpaal plaatsen
![image-1793026095458.png](./image-1793026095458.png)Het finish-oog wordt op een statief gedraaid en in het verlengde van de finishstreep op een meter afstand van de binnenzijde van de baan geplaatst, ongeveer op borsthoogte van de gemiddelde atleet (het kan nodig zijn de hoogte tijdens een wedstrijd nog aan te passen – laag bij pupillen, hoger bij senioren). Zorg ervoor dat het finish-oog niet het zicht van de camera op baan 1 belemmert. 
![image-1793026104506.png](./image-1793026104506.png)Het finish-oog wordt bekabeld aangesloten. De groene en zwarte bananenplug van de kabel moeten in de busjes met zelfde kleur achterop het finish-oog. Verbind de kabel die om de haspel zit met de kabel die uit de achterkant van de camera komt. 
![image-1793026121356.png](./image-1793026121356.png)Aan de overkant komt de finishpaal. Het finish-oog moet worden gericht op een van de reflectoren op of naast de finishpaal aan de overzijde. Als het oog wordt aangezet (aan-uit-knop aan de achterkant) hoor je een pieptoon die uitgaat als het oog de reflector aan de overzijde heeft gevonden. 
Als er géén pieptoon klinkt: de 2 AA-batterijen vervangen. Als de batterijen zwak zijn kan het ook zijn dat de uitgezonden lichtstraal te zwak is, en de weerkaatste straal niet langer worden opgevangen. Het apparaat blijft dan piepen. Ook dan dus de batterijen vervangen. 
Bij regenachtig weer is het mogelijk dat de reflector niet goed terugkaatst. Maak dan de reflector af en toe droog met een doek. 

### 2.8 Het externe uitslagenscherm plaatsen en aansluiten
Het externe uitslagenscherm toont de uitslagen van een zojuist gelopen race. Het moet worden geplaatst op een plek waar gefinishte atleten deze uitslagen kunnen bekijken zonder de start of het verloop van volgende series of van technische onderdelen te storen. Dit is doorgaans aan de buitenkant van de rondbaan, maar dat hangt af van de aansluitingsmogelijkheden. 
Het scherm heeft een gele stroomkabel met een gewone 230v-stekker. Deze kan in een contactdoos van de jurywagen of een ander stopcontact worden gestoken.
Het scherm kan via een hdmi-kabel of zender met de laptop worden aangestuurd uit laptop 1.
In plaats van dit scherm gebruiken we sinds 2026 doorgaans de Microgate klokken om de uitslagen op te projecteren. 

### 2.9    De start-vrijgave-lamp aansluiten
De start-vrijgave-lamp is gemonteerd op een kunststof koker van ruim een halve meter. Deze plaats je in een houder aan de buitenkant van de kar. De stekker moet in een stopcontact met een schakelaar naast de hoofdlaptop.

### 2.11    Finishlamp plaatsen
Bij avondwedstrijden met de finishlamp worden geplaatst. Wacht hiermee niet totdat het donker wordt, maar doe dat meteen bij de opbouw. Hij kan met een Manfrotto super klem op een aanwezige stellage worden gemonteerd of op een statief. ![](./image-1768227005901.png)

### 2.11	Laptops aansluiten en aanzetten
De laptops komen op de tafels in de jurywagen. Door twee gaten in de tafel komen een netwerkkabel en een stroomkabel die je moet inpluggen. Sluit ook de muis aan (uit een doos op de plank) en desgewenst een numeriek toetsenbordje. 

### 2.12	Netwerk Router aansluiten en aanzetten
De router zit in een etui in de doos op de plank. Hij krijgt zijn voeding via een kabeltje dat door het gat bij laptop 2 naar boven komt. 
Sluit het oplaadkabeltje aan en druk 5 seconden op de aan-knop. Meestal gaat hij dan meteen aan. In het display verschijnt een getal dat de snelheid aangeeft. 
Soms wordt om een wachtwoord gevraagd. Dit luidt Lynx2021. Opmerkelijk: het wachtwoord is ook te vinden in het routertje zelf. Druk op de menu-knop tot je ‘Device-info’ ziet. Enter, en dan wordt het wachtwoord getoond.
Na afloop van de wedstrijd weer 5 seconden op de knop drukken om uit te zetten.

### 2.13	Checken aansluitingen op de netwerkswitch
Nu alles is aangesloten zouden uit de LAN-switch de volgende netwerkkabels moeten komen
•	Naar hoofdcamera (via rechterluikje naar buiten)
•	Naar IdentiLynx (via linkerluikje naar buiten)
•	Naar laptop 1
•	Naar laptop 2
•	Naar Microgate 1
•	Naar Microgate 2
•	(eventueel) naar digitaal uitslagenscherm

### 2.14 Checken van de zwarte vlakjes op de finishlijn
Op de banen zijn de zwarte vlakjes tussen de banen op de finishlijn vaak versleten. Met zwart tape/verf kunnen de vlakken duidelijker gemaakt worden. Voor het instellen van de baanindelingen in FinishLynx is het gemakkelijk als op de overgang van de banen 4 en 5 er twee zwarte vlakken net naast de baanscheiding komen. Hoewel de organisatie hiervoor verantwoordelijkheid is, is het ook in ons belang dat de zwarte vlakjes ook echt zwart zijn (een mal en een spuitbus met zwarte verf is bij ons aanwezig). De blokjes moeten 2 centimeter breed en 5 centimeter lang zijn. De finishlijn moet uiteraard ook goed wit zijn. Plak zo nodig de finishlijn met witte tape af.

### 2.13 Aandachtspunten indoorwedstrijden Galgenwaard
Voor het indoorseizoen worden de volgende aanpassingen gedaan:

1.	De apparatuur wordt overgeheveld naar een veel kleinere jurywagen, die alleen dient als verrijdbare kast; de kar staat in de Galgenwaard in een magazijn op de 2e verdieping, en moet met hulp van de beheerder worden opgehaald en na afloop daar weer teruggezet.
2.	We gebruiken de 2e, oudere FinishLynx hoofdcamera, die samen met het motorblokje aan een beugel is bevestigd. Die wordt ter hoogte van de finish onder de balustrade gehangen en vastgezet met een vleugelmoer. Belangrijk detail: vergeet bij het opruimen niet die vleugelmoer in de kist van de camera terug te leggen. ![image-1793026499186.png](./image-1793026499186.png)
3.	Een tafel met twee stoelen moet zo nodig vanuit het secretariaat boven worden gehaald. Deze worden ongeveer drie meter voorbij de finishlijn tegen de wand gezet. 
4.	Het stopcontact in de zaal bevindt zich ongeveer twintig meter van de finish. Door een rolhaspel wordt die afstand overbrugd, en een tweede haspel of contactdoos in nodig voor voldoende contactpunten. Voor de veiligheid leiden we de diverse kabels zoveel mogelijk niet via de vloer maar langs een buis op twee meter hoogte. NB: in het wedstrijdsecretariaat op de eerste verdieping bevindt zich aan de muur tegenover de ingang een schakelaar, die het stopcontact van de zaal aan en uitzet! Dus: als er geen stroom uit het stopcontact komt, moet die schakelaar worden omgezet. 
5.	De UPS-stroomvoorziening, de netwerkswitch en bekabeling van de twee laptops zitten in een kist.
6.	De tijdklok kan op een statief of op de kar. De bijbehorende stroom kabel moet via een tweede haspel aan de eerste haspel worden gekoppeld. 
7.	De twee Microgateklokken kunnen aan de overzijde van de sprintlaan worden geplaatst. De voedings- en  netwerkkabels moeten dan bovenlangs worden geleid. Dit gaat als volgt:
a.	Verzwaar het uiteinde van een touw (8 meter) met bijv. een sleutelbos;
b.	Gebruik een polshoog-oplegger om dit verzwaarde einde over een metaaldraad te gooien dat bovenin het midden van de hal loopt;
c.	Knoop het touw om de stroomkabel en netwerkkabels, versterk dit met Duck tape en gebruik het touw om deze kabels omhoog te takelen over het metaaldraad; 
d.	Geef de kabels aan iemand die op de balustrade boven de camera staat; 
e.	Leidt de kabels vanaf de balustrade naar beneden. 
f.	Verbind in het midden van de zaal de kabels met Duck Tape aan een staander.
8.	Er is geen wind, dus ook geen windmeter nodig
9.	De startvrijgavelamp indoor is een hobbylamp, die aan de buis onder de balustrade komt te hangen. De bijbehorende schakelaar moet met tape op de tafel van de laptop worden vastgezet.
10.	De IdentityLynx wordt in veel indoorwedstrijden niet gebruikt, omdat er geen langere loopnummers zijn. Is het wel nodig, dan is werkt de aansluiting precies zo als outdoor. 
11.	De indoor finishpaal bestaat uit twee delen die met een bout en moer aan elkaar moeten worden gevestigd. Check met de waterpas in de materialenkist of de paal precies verticaal staat; met de bouten onder de bodem kan dit worden gecorrigeerd. 
12.	Het externe uitslagenscherm komt twintig meter voorbij de finish, bij het eerdergenoemde stopcontact, waar hij ook zijn stroom vandaan krijgt. Instructies over aansluiting volgen. 
13.	Ook de Wifirouter zit in deze kist, maar wordt in principe niet gebruikt. In plaats daarvan: de Wifi van de gemeente Utrecht.
14.	Van het startmateriaal indoor alléén het akoestische pistool met megafoon gebruikt (§ 6.2.2.). Het is handig om megafoon en accu op de metalen kar van de startblokken te plaatsen. Een statief is dan niet nodig.
0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9